Het begon allemaal met het intikken van mijn naam in Google. En toen bleek er in de USA een zekere Mass Marrier te zitten die een website wijdde aan alle Michellen Ball in de wereld en daar stond ik ook bij. Hij schreef er vriendelijke dingen over mij, maar verwees helaas naar een verkeerde website. In die tijd volgde ik via mijn werk een cursus bloggen en is deze blog ontstaan.




Poldermick

Poldermick
selfie op Seinebrug

23 januari 2017

Op theevisite bij Ineke Tergast

Ineke: (terwijl ze mij haar kamer binnenleidt) "Heb je het beeld nou gezien ? "M'n ogen zoeken vergeefs de kamer af. "Je staat er met je rug naartoe !!" Ik draai me om. In de hoek van de kamer, vlak achter de deur staat een kolossaal een tint lichter dan hazelnootkleurig houten beeld. Het is van Chabot, onmiskenbaar.                  
Die merkwaardige, starende, tegelijk verbaasde gelaatsuitdrukking. Dat kleine knotje hoog op haar achterhoofd. Die onbegrijpelijke, afgevlakte hoge buste. Die grote, veel te grote, knokige handen stijf tegen het lichaam aan.
Wat later zal Ineke tegen deze houten boerin praten. "Jij gaat niet bij ons weg hè", zegt ze. "Jij bent altijd bij ons geweest. Bij pappie, mammie en bij mij". Dan streng tegen mij: "Ja ik praat tegen dat beeld. Nu denk je zeker dat ik gek ben. Nou dat mag je wel denken, maar niet zeggen!"
Ineke Tergast (74), is de springlevende dochter van de in de jaren 50 in geen bloemlezing ontbrekende dichter Nes Tergast, die in 1974 op 78-jarige leeftijd overleed.
Toen het Indonesische klimaat Ineke op haar tiende parten ging spelen, vestigde het gezin zich in Den Haag. Nes Tergast vond een baan als directeur van een onroerend goed-maatschappij. Voor zijn vertrek naar Indië had hij in Delft scheikunde gestudeerd, maar was vrij snel overgestapt op economie. In de oorlog begon hij te dichten. Hij debuteerde tamelijk laat, op 44-jarige leeftijd met de bundel Glas en Schaduw. Negen jaar later volgde Het Moederland en in 1951 Deliria. Twee jaar later volgden Deliriana en Werelden.
Zodra Tergast na zijn dagtaak de deur van zijn kantoor achter zich in het slot gooide betrad hij zijn wereld van kunst en letteren.
Hij bezocht zijn letterkundige vrienden Jacques Bloem, Adriaan Roland Holst, Pierre H. Dubois, maar ook de schilders Pieter Ouborg en Willem Hussem. De laatste werkte in een gigantisch leegstaand zwembad in de Haagse Schilderswijk.
Pieter Ouborg gaf Ineke kunstgeschiedenis. Zij loopt naar haar slaapkamer en haalt een ingelijste tekening van hem te voorschijn. "Dit noemde hij Het lachende Paard, zegt zij, met de klemtoon op alle lettergrepen. "Ouborg hangt zelfs in het Metropolitan in New York".
Toen zij voor het eerst het atelier van Ouborg bezocht
dacht zij meteen: "Dit moet mijn vader zien". Zo kwam het dat Nes Tergast de eerste tentoonstelling van Ouborg in Den Haag hielp inrichten en vervolgens ook over hem schreef." Als kunstcriticus werkte hij op
persoonlijke titel", benadrukt Ineke.
Hoe Tergast Chabot tegen het lijf liep weet Ineke zich niet te herinneren. De wereldreis naar diens atelier staat haar daarentegen nog vrij helder voor de geest. Eerst met de trein naar Rotterdam en vervolgens met tram en bus naar Terbregge. Het laatste stuk langs de Rotte
liepen ze. Haar hand in die van haar vader. Dan dat scheefgezakte huisje aan de linker Rottekade met die lange schuur waarin Chabot schilderde en waarin hij na zijn overlijden ook zou worden opgebaard.
"Mijn vader zat uren met Chabot te praten en ik was te gast bij mevrouw Chabot."

Gedurende ons gesprek loopt Ineke twee keer weg. Een keer om een vers kopje thee te halen. Een keer om de vogels te voeren. Elke dag omstreeks dit uur strooit zij wat zaad voor de vogels die haar ongeduldig begroeten: twee koolmeesjes, een roodborstje en Daan de Valenciaan, een Spaanse duif die hier kennelijk is blijven hangen.
Achter mij springt een gele kanarie van het ene stokje op
het andere en piept wat.
Ineke komt terug met een stapeltje dichtbundels. Zij slaat de bundel Deliriana open en leest het gedicht Mijn Vogels voor dat haar vader aan haar opdroeg:
Het zijn de vogels van het soms geluk
die van de kruimels leven
en wier gevederte van schuw en schaduw is
Het zijn de vogels van de liefde
die van de honger leven
en wier gevederte van rijs en roodhout is
Het zijn de vogels van de eenzaamheid
die van de warmte leven
en wier gevederte van slib en stuifmeel is.
Het zijn de vogels van het heimwee
die van de resten leven
en wier gevederte van graan en groenland is.
Het zijn de vogels van de vrijheid
die van het weertij leven
en wier gevederte van zout en zuurstof is.
Het zijn de vogels van het leven
die leven van de horzels van de dood
en wier gevederte van dracht en drijfzand is.
Het zijn de vogels van de dood
die leven van de luister van het leven
en wier gevederte van naakt en nachtvorst is.
Ineke Tergast is in het huis en in de boedel van haar overleden ouders blijven wonen. Ongehuwd.
Zij leest veel en heeft nog regelmatig contact met Pierre
H. Dubois en diens vrouw.
Ineke's moeder ging nooit mee naar de rokerige literaire
avonden van haar man. De lieve Indische vrouw kon niet zo tegen de literaire spierballentaal die daar bon ton was. "De mannen spraken en dronken, hun vrouwen luisterden en zwegen", weet Ineke.
Zij vermoedt dat haar vader het wel moeilijk heeft gehad tussen al die jonge dichters. Als zoon van een kolonel van de cavalerie zou hem enige onverschrokkenheid toch niet vreemd zijn geweest. Hoewel Tergast met vrienden heel vrolijk kon zijn geloofde hij toch vooral in de eenzaamheid. "Op zondag gingen mijn moeder en ik vaak weg om hem rustig te laten werken", herinnert zij zich.
Opnieuw grijpt zij naar een bundel: Deliria, uit 1951 met het gedicht In Memoriam Hendrik Chabot. Het is de uitsmijter. Zij draagt het langzaam en nadrukkelijk voor.
Ik mag niet vertrekken voordat ik met mijn ogen afscheid heb genomen van de houten boerenvrouw in de hoek van de kamer, wier geschiedenis ik niet ken.


(Dit interview kwam tot stand begin maart 1999. Ineke Tergast woonde toen in de Laan van Clingendael te Den Haag. Het artikel werd gepubliceerd in het lentenummer van de Chabotkrant van 1999. De Chabotkrant was het orgaan van De Chabotgroep, Vereniging van Schilderamateurs te Rotterdam-IJsselmonde.)

07 januari 2017

Piet van den Oudenalder

Pieter Johannes van den Oudenalder
(Utrecht4 april 1904 - Rotterdam 28 juni 1976), was reclameschilderdecorontwerper, en cartoonist die op zijn derde jaar met zijn ouders van Utrecht naar Rotterdam verhuisde. Hij volgde de opleiding decoratieve nijverheid aan de Willem de Kooning Academie en woonde tijdens zijn studie samen met de kunstschilder Willem de Kooning. Hij werkte samen met de kunstschilder Henk de Vos . Hij werkte net als De Kooning als etaleur en letterschilder bij warenhuis Kohn Dony. Later werkte hij als etaleur bij modehuis Gerzon waar hij het tot chef-decorateur bracht. Hij publiceerde vervolgens dagelijks een cartoon op de voorpagina van het Rotterdams Nieuwsblad. In 1968 nam hij met 800 tekenaars uit 60 landen deel aan een expositie van cartoons in het Canadese Montreal. Van den Oudenalder is tweemaal getrouwd geweest. Toen ik hem begin jaren 70 voor het eerst ontmoette in Café Timmer zei hij: "Jongen, het lijkt of God's adem over je gezicht is gegaan."

16 december 2015

Roget's Thesaurus

In 1976 leerde ik op het Rotterdamse Noordereiland de Slavist, letterkundige en taalwetenschapper Aimé van Santen (1917-1988) kennen. Hij was ervan overtuigd dat er ooit een systematisch woordenboek zou komen waarin de woorden hiërarchisch zouden worden gerangschikt zoals Dmitri Mendelejev (1834-1907) scheikundige elementen schikte in zijn periodiek systeem. Ik heb Aimé er nooit over gehoord, maar onlangs ontdekte ik dat Peter Mark Roget (1779-1869), die vanaf zijn prille jeugd geobsedeerd was van lijstjes woorden en hun onderlinge samenhang, in 1805 zijn systematisch woordenboek liet verschijnen. Dat zou de geschiedenis ingaan als Roget's Thesaurus. Ik maakte er een uittreksel van dat op mijn website www.ballportal.nl kan worden gedownload. Het woordenboek zelf is in een goedkope uitgave verschenen bij Penguin. Hieronder een portret van Peter Mark Roget. Met dank aan Wikipedia Commons.

03 april 2013


Hans Starkenbrug

Toen ik nog bij Stadsarchief Rotterdam werkte, belde hij regelmatig op met vragen over het voorgeslacht van wijlen zijn vrouw Magda van Wiechen. Hij woonde in een seniorenflat aan de Sint Helenabaai in Capelle aan den IJssel waar ik hem een keer opzocht. Hij was gepensioneerd beroepsofficier. Bij gevechten op 10 mei 1940 trof een granaatscherf hem in het onderlijf waardoor hij kinderloos zou blijven.. Na enkele jaren invaliditeitspensioen werd hij als reserveluitenant ingedeeld bij de kantinedienst. Van april 1946 tot maart 1947 diende hij bij de Kwartiermeester Generaal der Koninklijke Landmacht in Engeland. Uiteindelijk schopte hij het tot reserve-kapitein voor speciale diensten bij het Regiment Intendancetroepen. Hij was drager van het Oorlogsherinneringskruis met de gesp en van het onderscheidingsteken langdurige Nederlandse dienst als officier. Op 10 juni 1981ging hij met pensioen. Hans Starkenbrug was een opgewekte, humorvolle vent die zijn relaas regelmatig doorspekte met 
GOEDZO !

Johannes Bernard Maria Starkenbrug werd op 10 juni 1916 geboren te Utrecht. Hij overleed op 23 oktober 2008 aan een longcomplicatie en ligt begraven aan de Oosterbegraafplaats te Voorburg. Hans Starkenbrug was Rooms Katholiek. Zijn genealogische onderzoekingen zijn ondergebracht bij het Centraal Bureau voor Genealogie in ’s-Gravenhage.

26 juni 2011

Shakespeare

Hoewel het nog niet in me opkomt om het bijltje erbij neer te gooien hier toch een quote van William Shakespeare die ik op gezette tijden tegen het lijf loop (vanochtend dankzij Gerrit Komrij bij zijn bespreking van het gedicht Air van de Nederlandse dichter Jan Luiken (1649-1712) in het voortreffelijke Komrij's Canon).

Prospero:

Our revels now are ended. These our actors,
As I foretold you, were all spirits, and
Are melted into air, into thin air:
And like the baseless fabric of this vision,
The cloud-capp'd tow'rs, the gorgeous palaces,
The solemn temples, the great globe itself,
Yea, all which it inherit, shall dissolve,
And, like this insubstantial pageant faded,
Leave not a rack behind. We are such stuff
As dreams are made on; and our little life
Is rounded with a sleep.

The Tempest Act 4, scene 1, 148–158

05 december 2010

Pier van der Kruk

Ergens halverwege de zeventiger jaren ontmoette ik bij mijn vriend Aimé van Santen te Rotterdam diens vriend Pier van der Kruk. Tussen de twee ontspon zich een vriendschappelijk letterkundig steekspel met historische pointes. Het was een waar genoegen. Met veel moeite heb ik ten behoeve van Wikipedia de gegevens van Pier boven water gekregen. Wikipedia bij monde van  moderator Kattenkruid  vindt Pier niet interessant. Daarom hier Piers levensbericht:

Pieter (alias Pier) van der Kruk, geboren Loosduinen, 5 december 1907, overleden Utrecht, 18 april 1990, zoon van Cornelis van der Kruk (kleermaker, *'s-Gravenzande 22-10-1869) en Adriana Maria Kuijlenburg (*Schoonhoven, 03-05-1868). Hij behaalde het diploma MO-Engels aan de Haagse School voor Taal- en Letterkunde, gaf conversatielessen Engels aan de vrouw van Willem Drees en aan de moeder van Willem Brakman en werkte als vertaler aan de Universiteit van Utrecht. Hij bewonderde  Menno ter Braak en schreef hem een brief (01-06-1939)(collectie Letterkundig Museum) en volgens Brakman zou Ter Braak hem ook hebben teruggeschreven, maar heeft Van der Kruk die brief verscheurd. (Zie ook: Sterven als een Polemist - Menno ter Braak 1930-1940 ( Hoofdstuk 25: http://tinyurl.com/2crlc29 Een journalist zonder krant  door Léon Hanssen (blz 514-516). Hij schreef met de Engelse schrijver/schilder Wyndham Lewis die hem twee brieven terugstuurde (Zie: ''The Letters of Wyndham Lewis''. Van der Kruk wordt daarin abusievelijk Van der Kruik genoemd. Hij heeft Lewis ook bezocht. Pier van der Kruk was bevriend met de Rotterdamse Slavist en Kafka-kenner dr. Aimé van Santen (''Asmodai in Praag''), die hem polste als docent voor zijn Noodfaculteit. Zijn vriendschap met de Haagse schrijver Willem Brakman bezorgde hem vermeldingen in twee van zijn romans: ''De Afwijzing'' (2004) en ''De Koning is Dood'' (1999) in het laatste werk geeft hij Van der Kruk zelfs een hoofdrol, al wordt er aan diens biografische werkelijkheid hier en daar een forse draai gegeven. (Met dank aan Gerrit Jan Kleinrensink)

07 november 2010

Henry James' enthousiasm about certain linguistic properties

= Strether was to remember afterwards further that this had had for him the effect of forming Chad's almost sole intervention; and indeed he was to remember further still, in sebsequent meditation, many things that, as it were, fitted together. Another of them was for instance that the wonderful woman's overflow of surprise and amusement was wholly into French, which she struck him as speaking with an unprecedented command of idiomatic turns, but in which she got, as he might have said, somewhat away from him, taking all at once little brilliant jumps that he could but lamely match. The question of his own French had never come up for them; it was the one thing she wouldn't have permitted - it belonged, for a person who had been through much, to mere boredom; but the present result was odd, fairly veiling her identity, shifting her back into a mere voluble class or race to the intense audibility of which he was by this time inured. When she spoke the charming slightly strange English he best knew her by he seemed to feel her as a creature, among all the millions, with a language quite to herself, the real monopoly of a special shade of speech, beautifully easy for her, yet of a colour and a cadence that were both inimitable and matters of accident=

Henry James - The Ambassadors - First published 1903 - Published in Penguin Classics 2008 - page 421

26 mei 2010

Nur aus Instinkt ...

(...) Das schärfste Wort aber für jene neue und unerhörte Hochschätzung des Wissens und der Einsicht sprach Sokrates, als er sich als den Einzigen vorfand, der sich eingestehe, nichts zu wissen; während er, auf seiner kritischen Wanderung durch Athen, bei den gröszten Staatsmännern, Redern, Dichtern und Künstlern vorsprechend, überall die Einbildung des Wissens antraf. Mit Staunen erkannte er, dasz alle jene Berühmtheiten selbst über ihren Beruf ohne richtige und sichere Einsicht seien und denselben nur aus Instinkt trieben. (...)   Uit:  Die Geburt der Tragödie aus dem Geiste der Musik, Friedrich Nietsche (1895) - Wilhelm Goldmann Verlag, München.

10 februari 2010

Over poëzie

Stéphane Mallarmé tegen Edgar Degas: "Gedichten, beste Degas, zijn niet gemaakt van ideeën, maar van woorden".

Bron: G.M. Hyde: Russian Futurism in Modernism door Malcolm Bradbury en James McFarlane (Editors) -  1976, Penguin Books

Wijn ontregelt goddelijke rede ...

In Obermann schreef Senancour: " J'ai vu quelque part que l'homme qui sent n'a pas besoin de vin. Cela peut être vrai pour celui qui n'en a point l'habitude. Lorsque j'ai été quelques jours sobre et occupé, ma tête s'agite excessivement, le sommeil se perd, J'ai besoin d'un excès qui me tire de mon apathie inquiète, et qui dérange un peu cette raison divine dont la vérité gêne notre imagination, et ne remplit pas nos coeurs." Mijn vertaling: "Ergens heb ik gezien dat een gevoelsmens aan wijn geen behoefte heeft. Dat kan waar zijn voor wie er helemaal niet aan gewend is. Wanneer ik enkele dagen nuchter bezig ben geweest gaat mijn hoofd als een razende te keer en raak ik mijn nachtrust kwijt. Ik heb behoefte aan een uitspatting die me uit mijn ongedurige lusteloosheid haalt en die een beetje die goddelijke rede ontregelt waarvan de waarheid onze verbeelding hindert en ons hart onvervuld laat."(einde vertaling)


September 2, 2007 11:14 AM

Helene Schjerfbeck in Haags Gemeentemuseum

Bij de tentoonstelling van Helene Schjerfbeck in het Haags Gemeentemuseum: Helene Schjerfbeck was een Finse schilderes die leefde van 1862 tot 1946. Je kan in haar werk zien dat ze een klassieke schildersopleiding volgde. Ze schildert echt plaatjes. Soms een beetje zoetige portretten van kinderen en van jonge volwassenen. Haar werk is hier en daar ook dromerig te noemen. In een viertal schilderijen probeert zij te breken met die plaatjesmakerij en onderzoekt zij de materie (verf) en wat zij daarmee kan uitdrukken. Ook zie je daarin bewijzen dat zij zich wat gelegen liet liggen aan het impressionisme. Het zijn deze schilderijen die het gemis aan artistieke inhoud in het andere werk goedmaken. Het zijn deze schilderijen die een rechtvaardiging vormen voor één van haar uitspraken die bijna onopvallend op de muur is aangebracht. "Ik ben niks. Ik onderzoek ..... " -Had ze maar wat meer in impressionistische richting gezocht- , verzucht ik dan. Deze week zei ik tegen iemand dat ik het een waardeloze tentoonstelling vond, maar die uitspraak wil ik hier herroepen. Het is zelfs een prima tentoonstelling omdat die inderdaad heel duidelijk laat zien dat in het werk van een schilder grosso- modo bestaand uit plichtmatig geschilderde plaatjes enkele topstukken bewijzen dat het de schilder ernst was zijn kunst te vernieuwen.


Bij Schjerfbeck kostte dat ontzettend veel moeite. Maar wacht even .... Laten de conservatoren die deze tentoonstelling samenstelden wel de kunstenaar zien die zij werkelijk was ? Had de expositie niet veel meer van die "ontsnappingspogingen" kunnen bevatten en was daardoor niet veel meer het beeld ontstaan van een kunstenaar die aan de traditie trachtte te ontkomen ? Laten we het erop houden dat de makers van deze tentoonstelling met die vier spannende doeken in die rimpelloze zee van plaatjes heel voorzichtig erop hebben gewezen dat Helene Schjerfbeck in een uithoek van Europa toch enige vernieuwing voorstond. - Michel Ball -

July 28, 2007 6:25 AM

27 januari 2010

Art ...

Another quote by William Somerset Maugham from The Summing Up : " Art should be appreciated with passion and violence, not with a tepid, deprecating elegance that fears the censoriousness of a common-room ".


June 28, 2007 1:50 PM

Eat that cutlet !

"There is no need for the writer to eat a whole sheep to be able to tell you what mutton tastes like. It is enough if he eats a cutlet. But he should do that".


William Somerset Maugham:  A writer's notebook ; 1941

May 13, 2007 5:09 PM

26 januari 2010

Adriaan gelooft in de mens

In De Wandelaar schrijft Adriaan van Dis (2007) :

"Ik geloof in de verbeelding van mensen. In een paar geniale uitvinders die onze hersens oprekken en ingesleten sporen verbreden om ons bestaan op de planeet te veraangenamen. Ik geloof in mensen die zich met schoonheid omringen. In mensen die dingen maken. Dingen om de dingen. Met hun handen. Met hun hoofd. En met passie. Mensen die aan een veer trekken om een slot te laten openspringen zodat mijn wanhoop, drift en geluk kunnen ontsnappen. Ik geloof niet in plannen van boven. De mens is zijn eigen plan. Ik geloof in de mens die er per ongeluk is en er het beste van probeert te maken."

May 2, 2007 7:48 AM

24 januari 2010

Cees Noteboom en Murasaki Shikubu

It's awful difficult to find a good quote. This one is by Cees Nooteboom from his book Van de Lente de Dauw - Oosterse Reizen - Japan - Kyoto - blz. 160 : " ... En toch, door een dubbele laag van vertaling en ouderdom heen word je in die voorbije wereld getrokken, ingesponnen door de schittering van levens waarvan je nauwelijks kunt geloven dat ze ooit in de vergane werkelijkheid van de tiende en elfde eeuw echt bestaan hebben, een eiland in de tijd waarnaar geen terugkeer mogelijk is, behalve in de bladzijden van een boek. Het zijn mensen die je dan tegenkomt, wezens van de eigen soort met passies, angsten, jaloezieën, herkenbaarder dan de emblematische figuren uit onze eigen middeleeuwen waarvan je meestal niet meer te zien krijgt dan het uiterlijke schild van hun eendimensionale ziel, nooit de raadselbewegingen van de ziel zelf. Bij Murasaki Shikubu is dat anders. Modern is ook al zo'n onbeholpen woord, maar als een vrouw in het jaar duizend iets opschrijft wat mij nu nog raakt en ontroert is dat omdat er tussen de schrijfster, haar figuren en de lezer een psychische lading ontstaat waardoor het millennium dat hen scheidde plotseling niet meer bestaat. Zulke dingen horen tot de wonderen. Alleen kunst kan het".


March 10, 2007 1:54 PM

22 januari 2010

Over componisten

Now that I started a blog I will use it in an appropriate way with remarkable quotes from stuff I read. Here's the first one by Hendrik Andriessen in his book "Over Muziek" (page 140): "De componisten rekenen niet met de tijd, maar met de natuur en met zichzelf. In geen enkele tijd heeft een goed componist ooit gedacht: het moet maar eens anders worden. Een goed artist werkt met de techniek als een uitvinder en gebruikt de materialen, die hij nodig heeft voor de formatie van zijn gedachten en invallen. Het criterium ligt in de waarde van zijn muzikale gedachten en deze behoren niet tot de tijd, ook al schijnt dit soms het geval te zijn."


March 9, 2007 3:52 PM

Terug in de tijd

Tijdens de cursus 23archiefdingen van Rob Coers heb ik het een en ander geleerd over het updaten van blogs. Wat vroeger op dit blog als een post bij een eigen commentaar verscheen, keert nu terug als bericht.
Die berichten zijn doorgaans boekcitaten die eerder op dit blog verschenen.  Ze worden geplaatst in chronologische volgorde.